De Belgische Strijdkrachten in Duitsland, een vlag die vele ladingen dekt, en een van die ladingen vormen de vele dienstplichtigen die hun term hier hebben doorgebracht.

Voor velen van hen zijn de onaangename kanten van hun diensttijd vervaagd maar de goede herinneringen vormen nu nog een band met de BSD.

Dan waren er ook de tijdelijke en beroeps, soldaten en korporaals, onderofficieren en officieren, burgerpersoneel, gehuwden en vrijgezellen, en voor iedereen was wonen en werken in de BSD anders.

 

Over het dagelijkse leven en werken in de BSD kan veel geschreven worden, voor iedereen hier boven genoemd was het wel anders te leven maar voor iedereen stond wel vast dar er van een dagelijkse sleur of routine zo goed als geen sprake was.

En dan waren er natuurlijk de voor- en de nadelen waar iedereen probeerde van de eerste te genieten en de tweede niet te zien.

 

Als dienstplichtige, eender welke dienstgraad, had men natuurlijk niet zo veel voordelen, het bier was niet al te duur in de kantine en met zijn magere soldij kon hij ook goedkoper een pakje sigaretten bekomen, niet zo lang de voorraad strekte maar wel zo veel het rantsoen toeliet.

Rantsoen rantsoenering, dat was iets voor iedereen en daarmee heb ik al een van de nadelen gevonden, brandstof was voor ons wel BTW vrij en dus goedkoop, de familie in België besefte eigenlijk niet goed dat eens de rantsoeneringskaart vol was ... nu ja ...

Hetzelfde voor sigaretten en koffie, sterke rokers gingen dan ook regelmatig op zoek naar niet rokende collega's om hun rantsoen over te kopen.

Het dagelijkse leven zat zo vol van die termen, daarmee kon men het onaangename een beetje “camoufleren”, men sprak niet van rantsoen aar van dotatie, en die kaart was een benzinekaart, sigaretten en koffie werden van de CMC kaart genomen, CMC was de gebruikelijke naam voor de MHK of Militaire Hoofd Kantine, en in de garnizoenen waren daar Belgische producenten te koop.

 

Garnizoenen, garnizoen, weer zo een dagdagelijks begrip, hier bedoelde men een stukje Duitsland mee, een cirkel met een straal van vijftien kilometer rond de kazerne, meestal gemeten van de kerk of de markt van het garnizoensstadje.

De kaart van het garnizoen was in de Compagnie, Batterij of Eskadron te vinden op het uithangbord met de nadrukkelijke vermelding dat deze grenzen zonder toestemming van de commandant niet mochten overschreden worden, deed men het toch en men werd betrapt dan kwam er een uitnodigen voor de “elfurenmis”, elf uur was de tijd waarop de commandant het rapport deed.

En ook binnen het garnizoenen had men zijn beperkingen, naast die kaart hing nog een lijst, deze der “verboden huizen” wat dan meestal de beste kroegen waren.

De reden van dat verbod was meestal in de politiek of het verleden van de uitbaters te zoeken, menig dienstplichtige die meende dat de MP niet goed controleerde ging dan wel eens uit nieuwsgierigheid binnen wat dan weer goed was voor “vier dagen”.

 

Op dat bord hing veel informatie, de dagelijkse orders DO genoemd, het programma van de lopende en volgende week, de lijsten voor de wacht, het piket en de weekdienst, en vooral niet te vergeten, de karwijlijst.

En ongeacht welke graad men had, iedereen zijn naam kwam met de regelmaat van de klok op een of meerdere lijsten te staan, wacht in het kwartier of het munitiedepot, onderofficier en officier van wacht, onderofficier van week, adjudant van week, korporaal van dag, chauffeur van alarm, er was zelfs een beurtrol om dienst te doen in de cinema.

 

Cinema, weer zo een steekwoord, elk garnizoen dat zich garnizoen wilde noemen bezat een cinemazaal, in de BSD was een dienst die zich uitsluitend hier mee bezig hield, die voorzag alle zalen van toch vrij recente films.

Die films circuleerden door alle garnizoenen, een busje reed een regelmatige estafette zo dat de films elke week vernieuwd werden, een uitzondering was het Kamp Vogelsang waar deze wissel dagelijks was.

Doorgaans werd de cinema goed bezocht, en als er dan op zaterdag namiddag een Disney op het programma stond zat de zaal gegarandeerd vol kinderen.

 

Kinderen, natuurlijk mogen we die niet vergeten, beroepsmilitairen zijn niet alle dagen op oefening, af en toe zijn ze ook wel eens thuis en dus, kinderen.

De gehuwde militairen woonden niet in de kazerne maar in verschillende “Belgische” woonwijken, in appartementen of huizen al naar gelang het aantal familieleden, het aantal wijken verschilde wel van garnizoen tot garnizoen en hing af van het aantal gestationeerde eenheden.

Waar kinderen zijn zijn ook scholen, in elk garnizoen waren er kleuterscholen en lager onderwijs, middelbaar onderwijs was voorzien in Keulen-Bensberg en in Soest, en hier komt de vraag hoe de kinderen dan daar geraakten.

Het leger beschikte over een aantal bussen die in oorlogstijd voorzien waren om gewonden af te voeren, die werden ingezet voor de kinderen, binnen de garnizoenen van de verschillende wijken naar de scholen en ook van de verschillende garnizoenen naar de Athenea van Bensberg en Soest.

 

En als die kinderen nu eens ziek waren, ook hier waren er voorzieningen voor de famillies, de militairen hadden hun eenheidsgeneesheer in de kazerne en voor vrouw en kinderen was er in elk garnizoen het Medisch Huis, hier kon de familie voor bijna alle problemen op medisch gebied terecht, van kinderwelzijn tot kleine operaties toe.

Voor grotere problemen waren er de militaire hospitalen van Keulen en Soest, werd men er naar verwezen door de eenheidsgeneesheer of het medisch huis dan stonden de bussen er weer voor gereed.

 

Er waren nog meer van die diensten die onopvallend hun werk deden, DHF Dienst Huisvesting Families die verantwoordelijk was voor de woningen, SPB algemeen gekend als “de Post” waar niet allen post maar ook geldverhandelingen gebeurden, bij de ASLK ging het uiteraard ook om geld.

Niet te vergeten het burgerpersoneel dat zo wat overal ingezet werd, de contractuelen zo als het lesgevend personeel en menig bediende, het BAK personeel, de Burgerlijke ArbeidsKracht die men overal kon aantreffen.

 

Wat ik hier schreef is maar een klein stukje van wat de BSD was, er is nog zo veel meer te vertellen, alles in een artikeltje schrijven is onmogelijk, we gaan nog menig artikel moeten toevoegen en, misschien, heel misschien voelt iemand van de lezers zich geroepen een artikeltje bij te dragen, dat kan, gewoon contact opnemen met ons.